Voortgezet onderwijs

Cultuuronderwijs is meer dan kennis over een land

Wat behandelen docenten Engels, Frans, Duits of Spaans wanneer zij lesgeven over cultuur? Niet alleen gewoonten, geschiedenis of kenmerken van het land waarvan leerlingen de taal leren. Docenten laten leerlingen ook nadenken over hun eigen identiteit, persoonlijke ervaringen van anderen, verschillen binnen culturele groepen en de manier waarop mensen worden in- of uitgesloten. Zo laat onderzoek van Stef Siepel, Petrie van der Zanden, Peter-Arno Coppen en Paulien Meijer.

Zij interviewden dertien docenten moderne vreemde talen in het Nederlandse voortgezet onderwijs die cultuur naar eigen zeggen als een dynamisch begrip behandelen. Daarmee bedoelen de onderzoekers dat culturele betekenissen kunnen verschillen tussen personen en groepen en in de loop van de tijd kunnen veranderen.

De onderzoekers wilden weten wat deze docenten zelf als de belangrijkste onderdelen van zulk cultuuronderwijs beschouwen en hoe die onderdelen volgens hen in hun lessen terugkomen. Het onderzoek verscheen in Language Teaching Research.

Van feitenkennis naar betekenisgeving

In wetenschappelijk onderzoek wordt cultuur steeds minder opgevat als een vaststaand pakket eigenschappen van een land of bevolkingsgroep. Cultuur wordt gezien als een proces waarin mensen betekenis geven aan hun omgeving. Die betekenissen zijn niet voor iedereen hetzelfde en kunnen veranderen.

De toepassing van deze benadering in het vreemdetalenonderwijs blijft volgens eerder onderzoek lastig. Docenten noemen onder meer een gebrek aan geschikt lesmateriaal en voorbereiding. Ook lopen hun ideeën over cultuuronderwijs sterk uiteen. Tegelijkertijd krijgt cultuur een afzonderlijke plaats in de voorstellen voor het nieuwe Nederlandse curriculum voor moderne vreemde talen.

Dertien pioniersdocenten

Aan het onderzoek deden acht docenten Engels, twee docenten Frans, twee docenten Duits en één docent Spaans mee. Zij werkten op twaalf scholen in stedelijke en landelijke gebieden. Hun onderwijservaring liep uiteen van één tot meer dan 35 jaar.

De interviews duurden ongeveer vijftig tot zestig minuten. De docenten bespraken een zelfgekozen lespraktijk en vertelden wat zij belangrijk vinden in cultuuronderwijs, welke doelen zij nastreven en welke problemen en spanningen zij ervaren. De uitgeschreven gesprekken werden thematisch geanalyseerd.

De persoon en de culturele groep

Uit de interviews kwamen twee benaderingen naar voren. Bij de persoonlijke benadering staat het individu centraal, met diens ervaringen, gevoelens en verhalen. De sociaal-culturele benadering richt zich op culturele groepen en gemeenschappen. Dat kunnen landen zijn, maar ook kleinere culturele groepen.

Docenten combineerden beide invalshoeken soms binnen één les. Zo besprak een docent het Nederlandse verbod op hoofddoeken bij de politie en vergeleek dat met het beleid in Londen. Vervolgens vertelden leerlingen met een hoofddoek over hun persoonlijke ervaringen. De les verschoof daarmee van een maatschappelijk vraagstuk naar verschillen tussen individuele verhalen.

Binnen beide benaderingen vonden de onderzoekers vier thema’s: het zelf, de ander, in- en uitsluiting en verandering. Omdat elk thema binnen de twee benaderingen anders werd ingevuld, ontstond een model met acht gebieden.

Binnen de persoonlijke benadering gaat het om identiteit, persoonlijke verhalen van anderen, ervaringen met anders-zijn en erbij horen, en het besef dat ook de eigen kijk cultureel gevormd is. Binnen de sociaal-culturele benadering gaat het om de eigen cultuur, andere culturen, maatschappelijke uitsluiting en insluiting, en mogelijkheden voor verandering.

Verschillende onderdelen in één les

De acht gebieden kwamen in de gerapporteerde lessen niet los van elkaar of in een vaste volgorde voor. Dat blijkt uit een lessenreeks Duits over de lhbti+’ers. De docent begon met de positie van homo’s, lesbiennes en transgender personen in Nederland en op school. Daarna lazen leerlingen persoonlijke verhalen van Duitsers over hun coming-out.

Vervolgens behandelde de docent Paragraaf 175, de Duitse wetsbepaling waarmee homoseksuele handelingen tussen mannen strafbaar waren. Ook vergeleken de leerlingen de verhouding tussen wetgeving en maatschappelijke verandering in Duitsland en Nederland. Tot slot dachten zij na over wat de school inclusiever zou kunnen maken.

De onderzoekers vonden in het algemene patroon geen verschillen tussen de vier onderzochte talen. Hoewel de afzonderlijke lessen uiteenliepen, deelden de docenten een brede opvatting van dynamisch cultuuronderwijs.

De deelnemers vormden wel een zelfgekozen groep pioniersdocenten. Het onderzoek berust bovendien op wat zij zelf over hun lessen vertelden; de lessen zijn niet geobserveerd. De resultaten kunnen daarom niet zonder meer worden toegepast op alle docenten moderne vreemde talen.

<div style=” border-left: 4px solid #9b2d2d; background-color: #faf7f4; padding: 20px 24px; margin: 24px 0; font-family: Georgia, ‘Times New Roman’, serif; color: #222; “> <h3 style=” color: #9b2d2d; margin: 0 0 14px 0; font-weight: 700; font-size: 24px; line-height: 1.15; “> Wat betekent dit in de praktijk? </h3>

<p style=”margin: 0 0 14px 0; font-size: 17px; line-height: 1.55;”> <strong>Voor docenten moderne vreemde talen</strong> biedt het model acht gebieden waarmee zij hun cultuuronderwijs kunnen bekijken. Een les kan zowel culturele groepen als persoonlijke ervaringen behandelen en aandacht besteden aan identiteit, de ander, in- en uitsluiting en verandering. </p>

<p style=”margin: 0 0 14px 0; font-size: 17px; line-height: 1.55;”> <strong>Voor lerarenopleidingen</strong> kan het model taal en didactische houvast bieden om cultuuronderwijs te bespreken. Studenten en docenten kunnen ermee nagaan welke gebieden al in hun lessen voorkomen en welke nog niet. </p>

<p style=”margin: 0; font-size: 17px; line-height: 1.55;”> <strong>Voor curriculumontwikkelaars</strong> beschrijft het onderzoek hoe een dynamische benadering van cultuur volgens pioniersdocenten in lessen vorm krijgt. Daarbij moet rekening worden gehouden met de kleine, zelfgekozen groep deelnemers en het ontbreken van lesobservaties. </p> </div>

<p style=”margin: 10px 0 0 0; font-size: 13px; line-height: 1.45; color: #333;”> Bron: Siepel, S. J., Van der Zanden, P. J. A. C., Coppen, P.-A. J. M. &amp; Meijer, P. C. (2026). <em>Teaching Culture as a Dynamic Concept: What Pioneer Teachers Perceive Constitutes Culture Teaching in Foreign Language Education</em>, Language Teaching Research. DOI: <a href=”https://doi.org/10.1177/13621688261487630” target=”_blank” rel=”noopener noreferrer”>https://doi.org/10.1177/13621688261487630</a> </p>

Ontdek meer onderwerpen