De kans op het direct behalen van een havo- of vwo-diploma ligt voor deze groep gemiddeld 5,7 procentpunt hoger. Deze opwaartse mobiliteit komt voor bij leerlingen uit verschillende sociaaleconomische groepen, maar blijkt niet voor iedereen in gelijke mate toegankelijk.
Het Nederlandse voortgezet onderwijs neemt internationaal een bijzondere positie in. Leerlingen krijgen al op jonge leeftijd een schooladvies, maar scholen kunnen er in de eerste jaren voor kiezen om leerlingen met verschillende adviezen samen onderwijs te laten volgen. In zulke gemengde klassen wordt de definitieve scheiding tussen onderwijsniveaus tijdelijk uitgesteld. Daarmee combineert het Nederlandse systeem vroege selectie met mogelijkheden tot bijstelling en doorstroom.
Onderzoekers van de Universiteit Maastricht richten zich in hun studie op een specifieke groep: leerlingen met een vmbo-gt-advies. Deze leerlingen bevinden zich net onder de grens voor instroom in havo en hebben binnen het Nederlandse systeem relatief veel mogelijkheden om alsnog op te stromen. Zij kunnen terechtkomen in een homogene vmbo-gt-klas, maar ook in een gemengde klas waarin havo en soms ook vwo deel uitmaken van het onderwijsaanbod.
Onderzoeksopzet en typen leerwegen
Het onderzoek maakt onderscheid tussen onderwijsroutes die in de eerste jaren geen opstroom naar havo of vwo mogelijk maken en routes die dat wel doen. Binnen die laatste categorie onderscheiden de onderzoekers twee varianten. In de eerste volgen vmbo-gt- en havo-leerlingen gezamenlijk onderwijs. In de tweede, bredere variant zitten daar ook vwo-leerlingen bij, waardoor alle routes naar havo en vwo openblijven.
Voor de analyse gebruikten de onderzoekers gegevens uit het Nationaal Cohortonderzoek Onderwijs, waarin vrijwel alle leerlingen in het bekostigde onderwijs worden gevolgd. De steekproef bestaat uit 31.155 leerlingen met een vmbo-gt-advies die in het schooljaar 2011–2012 begonnen in het voortgezet onderwijs. Omdat leerlingen niet willekeurig in gemengde of gescheiden routes terechtkomen, maakten de onderzoekers gebruik van een instrumentele-variabelenmethode.
Daarbij keken zij naar verschillen in het aanbod van schoolroutes binnen een straal van tien kilometer rond de woonplaats van leerlingen. Deze aanpak maakt het mogelijk om effecten toe te schrijven aan de gevolgde onderwijsvorm zelf, en niet aan kenmerken van leerlingen of ouders die samenhangen met schoolkeuze.
Meer doorstroom, maar via verschillende routes
De resultaten laten zien dat leerlingen met een vmbo-gt-advies vaker een havo- of vwo-diploma behalen wanneer zij starten in een route waarin opstroom naar havo of vwo mogelijk is. In vergelijking met strikt gescheiden routes gaat het om een toename van 5,7 procentpunt in de kans op een direct havo- of vwo-diploma. Wanneer de twee gemengde varianten afzonderlijk worden bekeken, liggen de effecten dicht bij elkaar, rond de 5,5 tot 5,8 procentpunt.
Naast directe doorstroom analyseren de onderzoekers ook de indirecte route via diplomastapeling. Daarbij behalen leerlingen eerst een vmbo-gt-diploma en stromen daarna door naar havo en eventueel vwo. Ook langs deze route hebben leerlingen uit gemengde leerwegen vaker een havo- of vwo-diploma aan het einde van hun schoolloopbaan dan leerlingen die vanaf het begin in strikt gescheiden routes zaten, al kost deze route doorgaans een extra jaar.
Sociale verschillen blijven zichtbaar
Bij directe doorstroom vinden de onderzoekers geen duidelijke verschillen tussen leerlingen met hoogopgeleide en lageropgeleide ouders. Gemengde leerwegen lijken in dat opzicht voor verschillende groepen vergelijkbaar te werken. Anders ligt dat bij diplomastapeling. Hier blijkt dat vooral kinderen van hoogopgeleide ouders gebruikmaken van deze indirecte route.
Bij leerlingen die onderwijs volgden in een gemengde route met vmbo-gt en havo hebben kinderen van hoogopgeleide ouders een 13,2 procentpunt hogere kans om via stapelen alsnog een havo- of vwo-diploma te behalen dan kinderen van lageropgeleide ouders. Volgens de onderzoekers wijst dit erop dat kennis van het onderwijssysteem en strategische keuzes van ouders een belangrijke rol blijven spelen.
Afname van gemengde leerwegen in Nederland is problematisch
De bevindingen hebben duidelijke implicaties voor de inrichting van het Nederlandse voortgezet onderwijs. Allereerst laten de resultaten zien dat het aanbieden van leerwegen waarin opstroom naar havo en vwo mogelijk is, samenhangt met hogere onderwijsopbrengsten voor leerlingen met een vmbo-gt-advies.
De auteurs benadrukken dat deze effecten optreden bij leerlingen die zich net onder de toelatingsdrempel voor havo bevinden en dat juist deze groep baat heeft bij institutionele flexibiliteit in de eerste jaren van het voortgezet onderwijs. Vanuit dat perspectief wijzen zij erop dat de afname van gemengde leerwegen in Nederland problematisch is, omdat daarmee kansen op opwaartse mobiliteit worden beperkt.
Tegelijkertijd maken de resultaten duidelijk dat flexibiliteit in het systeem niet automatisch leidt tot meer kansengelijkheid. Hoewel gemengde leerwegen de kans op directe doorstroom naar havo of vwo voor leerlingen met verschillende achtergronden vergelijkbaar vergroten, ontstaan bij de indirecte route via diplomastapeling duidelijke verschillen naar sociaaleconomische herkomst.
Hoogopgeleide ouders
Vooral kinderen van hoogopgeleide ouders blijken beter in staat om deze route te benutten. Volgens de auteurs wijst dit erop dat kennis van het onderwijssysteem, ervaring met onderwijskeuzes en het vermogen om risico’s te dragen een belangrijke rol spelen bij het nemen van vervolgstappen binnen het voortgezet onderwijs.
Daarmee raakt het onderzoek aan een spanningsveld dat vaker wordt benoemd in het debat over vroege selectie. Enerzijds bieden gemengde leerwegen leerlingen meer tijd om hun capaciteiten te laten zien en hun onderwijsloopbaan bij te stellen. Anderzijds blijft de benutting van die mogelijkheden sociaal ongelijk verdeeld. De auteurs stellen dat beleidsmaatregelen die uitsluitend gericht zijn op het verruimen van doorstroommogelijkheden onvoldoende zijn om deze ongelijkheid te verkleinen, zolang verschillen in informatie, begeleiding en ondersteuning tussen gezinnen blijven bestaan.
Stapelen kostbaar
In hun slotbeschouwing wijzen de onderzoekers erop dat diplomastapeling vanuit efficiëntieoogpunt een minder wenselijke route is, omdat deze doorgaans een extra jaar onderwijs vergt. Dat maakt stapelen kostbaar, zowel voor leerlingen als voor het onderwijssysteem als geheel.
Vanuit dat perspectief zou beleid dat inzet op directe doorstroom binnen gemengde leerwegen niet alleen kunnen bijdragen aan hogere onderwijsopbrengsten, maar ook aan een efficiënter gebruik van onderwijscapaciteit. Tegelijkertijd benadrukken zij dat duidelijke en transparante regels voor doorstroom en opstroom noodzakelijk zijn om te voorkomen dat deze mogelijkheden vooral door beter geïnformeerde groepen worden benut.
Wat betekent dit in de praktijk?
Voor scholen en besturen laat dit onderzoek zien dat gemengde leerwegen daadwerkelijk bijdragen aan hogere doorstroomkansen voor leerlingen met een vmbo-gt-advies. Het aanbieden van klassen waarin ook havo- en vwo-niveaus zijn opgenomen vergroot de kans op een preacademisch diploma, zonder dat daarbij duidelijke nadelen zichtbaar worden.
Voor beleidsmakers maken de resultaten duidelijk dat het terugdringen van gemengde onderwijsvormen kan leiden tot minder opwaartse mobiliteit. Tegelijkertijd is aanvullende aandacht nodig voor leerlingen uit minder hoogopgeleide gezinnen, omdat zij minder vaak gebruikmaken van indirecte routes zoals diplomastapeling.
Voor ouders en leerlingen onderstreept het onderzoek dat een lager startadvies niet definitief hoeft te zijn. De mogelijkheden die het systeem biedt, worden echter niet door iedereen even goed benut, wat het belang van goede informatie en begeleiding gedurende de schoolloopbaan benadrukt.
Bron: Bles, P., Somers, M. & Weßling, K. (2026). Types of tracking and upward mobility: Causal effects on (social inequality in) educational attainment in the Netherlands, European Journal of Education. DOI: https://doi.org/10.1111/ejed.70451