Voortgezet onderwijs

Onderwijsroute hangt samen met seksuele kennis, gedrag en zwangerschappen

Leerlingen in beroepsgerichte onderwijsroutes weten minder over seksuele gezondheid dan leerlingen in academische onderwijsroutes, beginnen vaker op jongere leeftijd met seks en worden vaker zwanger. Dat blijkt uit een meta-analyse van 47 studies onder 177.169 Europese jongeren, uitgevoerd door onderzoekers van de Universiteit Maastricht en de Universiteit Utrecht.

Tegelijk laten de resultaten zien dat er op een reeks andere seksuele-gezondheidsuitkomsten geen significante verschillen bestaan tussen de onderwijsroutes.

Eerder onderzoek had al aanwijzingen opgeleverd dat jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes op het gebied van seksuele gezondheid minder gunstig scoren dan leeftijdgenoten in academisch georiënteerde routes. Die studies waren echter meestal uitgevoerd binnen één land en richtten zich vaak op een beperkt aantal uitkomsten. Daardoor bleef onduidelijk hoe sterk het verband is en of het terugkomt in verschillende landen, schoolsystemen en aspecten van seksuele gezondheid. Ook was beperkt onderzocht of kenmerken als geslacht, leeftijd, sociaaleconomische status of migratieachtergrond invloed hebben op dat verband.

De gemiddelde leeftijd van de jongeren was 16,6 jaar.

Om die lacunes te vullen, voerden Pascalle Heijligenberg en haar collega’s een meta-analyse uit van studies uit 21 Europese landen. Via vier literatuurdatabases werden 8.361 unieke publicaties gevonden. Na een gestructureerde selectieprocedure bleven 47 onafhankelijke studies over, samen goed voor 159 effectgroottes en 177.169 deelnemers. De gemiddelde leeftijd van de jongeren was 16,6 jaar. De meeste studies kwamen uit Zweden en Nederland, elk elf, gevolgd door Duitsland en Italië.

Omdat Europese onderwijssystemen sterk verschillen, gebruikten de onderzoekers niet de Nederlandse indeling in schooltypen. Zij brachten de onderwijsroutes per land onder in twee brede categorieën: beroepsgericht en academisch. Dat deden zij op basis van beschrijvingen van nationale onderwijssystemen en de internationale ISCED-classificatie. Seksuele gezondheid werd vervolgens onderzocht langs drie domeinen: seksueel gedrag, seksuele attitudes en seksuele kennis.

Jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes scoren gemiddeld minder gunstig

De analyse laat een significant, klein tot middelgroot verband zien tussen onderwijsroute en seksuele gezondheid. Jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes scoren gemiddeld minder gunstig op de onderzochte seksuele-gezondheidsuitkomsten dan jongeren in academische onderwijsroutes. De verschillen lopen wel sterk uiteen per domein en subdomein.

Het grootste verschil werd gevonden bij seksuele kennis. Jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes weten minder over seksuele gezondheid dan jongeren in academische routes. Dat verschil is groter dan het verschil in seksueel gedrag. Binnen het domein seksueel gedrag waren er significante verschillen op acht van de twaalf onderzochte subgebieden. Jongeren in beroepsgerichte routes hadden vaker seks gehad, ook op jongere leeftijd, hadden vaker meerdere seksuele partners, hadden vaker een soa gehad, waren vaker zwanger geweest en gebruikten minder vaak anticonceptie. Ook lieten zij zich minder vaak testen op soa’s.

Dat gold onder meer voor condoomgebruik

Op andere onderdelen vonden de onderzoekers geen significante verschillen tussen de twee groepen. Dat gold onder meer voor condoomgebruik, het meemaken van seksueel geweld, pornografiegebruik en online seksueel risicogedrag zoals sexting.

Bij seksuele attitudes zagen de onderzoekers eveneens verschillen, maar niet op alle onderdelen. Jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes hadden iets negatievere attitudes ten opzichte van homoseksualiteit, meer permissieve seksuele opvattingen en een lagere risicoperceptie voor soa’s dan jongeren in academische onderwijsroutes. Positieve seksuele attitudes verschilden niet significant tussen de groepen.

Een opvallende uitkomst betrof de migratieachtergrond van de deelnemers. Het verband tussen onderwijsroute en seksuele gezondheid was sterker in studies waarin meer dan 75 procent van de deelnemers geen migratieachtergrond had. In studies met een gemengde steekproef, waarbij geen van beide groepen meer dan 75 procent uitmaakte, was het verband niet significant. Andere kenmerken, zoals geslacht, leeftijdsfase, sociaaleconomische status, geografische spreiding van de steekproef, het moment waarop leerlingen in een onderwijsroute worden geplaatst, publicatiejaar en studiekwaliteit, beïnvloedden het verband niet significant.

De onderzoekers wijzen wel op een belangrijke beperking. De geanalyseerde studies verschilden sterk van elkaar. De effectgroottes liepen uiteen, wat wijst op variatie in onderzoeksopzet, meetinstrumenten en kenmerken van de onderzochte groepen.

Vroege seksuele voorlichting die beter aansluit bij jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes

Volgens de onderzoekers ligt er op schoolniveau ruimte om verschillen in seksuele gezondheid terug te dringen. Zij wijzen daarbij op het belang van vroege seksuele voorlichting die beter aansluit bij jongeren in beroepsgerichte onderwijsroutes. Tegelijk benadrukken zij dat een eenzijdige nadruk op verschillen niet wenselijk is. Jongeren in beroepsgerichte en academische routes delen ook veel overeenkomsten, zoals blijkt uit het ontbreken van significante verschillen op meerdere onderzochte uitkomsten.

Voor toekomstig onderzoek bevelen de auteurs aan om meer aandacht te besteden aan positieve en emotionele aspecten van seksuele gezondheid. Die ontbreken grotendeels in de bestaande literatuur. Ook vragen zij om demografische kenmerken als sociaaleconomische status en migratieachtergrond structureler te rapporteren en om jongeren in de vroege adolescentie vaker in onderzoek te betrekken. Tot slot pleiten zij voor longitudinaal onderzoek, zodat duidelijker kan worden hoe de richting van het verband tussen onderwijsroute en seksuele gezondheid precies loopt.

Wat betekent dit in de praktijk?

Voor scholen in beroepsgerichte onderwijsroutes laat dit onderzoek zien dat seksuele voorlichting vroeg genoeg moet beginnen en moet aansluiten bij de kennis, vragen en leefwereld van leerlingen. Vooral seksuele kennis springt eruit als domein waarop verschillen zichtbaar zijn tussen beroepsgerichte en academische onderwijsroutes.

Voor docenten en ontwikkelaars van lesmateriaal is relevant dat de verschillen niet op alle onderdelen van seksuele gezondheid terugkomen. Bij onderwerpen als condoomgebruik, seksueel geweld, pornografiegebruik en sexting vonden de onderzoekers geen significante verschillen tussen beroepsgerichte en academische routes.

Voor beleidsmakers onderstreept de studie dat onderwijsroutes een aanknopingspunt kunnen zijn voor seksuele-gezondheidsbeleid, maar niet als eenvoudige tegenstelling moeten worden gebruikt. De onderzoekers benadrukken dat jongeren in verschillende onderwijsroutes ook veel overeenkomsten hebben en dat vervolgonderzoek nodig is naar positieve en emotionele aspecten van seksuele gezondheid.

Bron: Heijligenberg, P., de Looze, M. E., Maes, M., Jonas, K. J. & Massar, K. (2026). Educational Differences in Sexual Health among Adolescents in Europe: A Meta-Analysis, Journal of Youth and Adolescence. DOI: https://doi.org/10.1007/s10964-026-02364-3

Ontdek meer onderwerpen