De studie gaat daarmee ook over een bredere vraag binnen het funderend onderwijs: hoe kan een school werken vanuit een herkenbare levensbeschouwelijke identiteit en tegelijkertijd voldoen aan gemeenschappelijke professionele eisen rond onderwijskwaliteit, inclusie en burgerschap?
Islamitische identiteit binnen landelijke kaders
De groei van islamitische basisscholen in Nederland heeft volgens de onderzoeker de behoefte vergroot aan leraren die het nationale onderwijsstelsel kennen én de pedagogische, ethische en religieuze uitgangspunten van islamitische schoolgemeenschappen begrijpen.
De opleiding van IUASR valt onder hetzelfde wettelijke en professionele kader als andere Nederlandse pabo’s. Het gaat om een deeltijdopleiding van 240 studiepunten. De opleiding richt zich op studenten met affiniteit met de islam, maar staat open voor zowel islamitische als niet-islamitische studenten. Afgestudeerden worden voorbereid op het werken in islamitische en niet-islamitische basisscholen.
Bij de accreditatie omschreef de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie de aanpak als pragmatisch. Islamitische waarden zijn in het curriculum verwerkt, terwijl de professionele voorbereiding op het leraarschap centraal blijft staan. De levensbeschouwelijke grondslag vervangt de landelijke beroepseisen dus niet, maar geeft richting aan de manier waarop studenten nadenken over onderwijs, verantwoordelijkheid en professioneel handelen.
Drie uitgangspunten voor de school
Uit de analyse leidt Yılmaz drie beginselen af die de onderwijsvisie van de opleiding bepalen: menselijke ontplooiing, ethische verantwoordelijkheid en publieke verantwoordelijkheid.
Menselijke ontplooiing betekent dat onderwijs zich niet alleen richt op kennisverwerving. Ook de morele, persoonlijke en sociale ontwikkeling van leerlingen krijgt een plaats. Leraren moeten volgens deze benadering leeromgevingen creëren die kritisch denken, persoonlijke groei, deelname aan de samenleving en respect voor menselijke waardigheid ondersteunen.
Ethische verantwoordelijkheid heeft betrekking op de afwegingen die leraren dagelijks maken. Vraagstukken rond gelijke behandeling, inclusie, kansengelijkheid, integriteit en respect voor verschillen vragen niet alleen om kennis van regels, maar ook om professioneel oordeel.
Publieke verantwoordelijkheid verwijst naar de maatschappelijke opdracht van de school. Het basisonderwijs draagt volgens het model bij aan kennisontwikkeling, burgerschap, sociale samenhang en deelname aan een cultureel en religieus diverse samenleving. Binnen de Nederlandse context wordt deze opdracht verbonden met zowel ruimte voor verscheidenheid als gedeelde democratische waarden.
Vakmanschap als basis
De onderwijsvisie wordt in de opleiding gekoppeld aan drie professionele domeinen: vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische bekwaamheid. Studenten moeten de leerstof beheersen, deze kunnen vertalen naar passende lessen en een veilige, inclusieve en ontwikkelingsgerichte leeromgeving kunnen creëren.
De opleiding onderscheidt daarnaast vijf leeruitkomsten: pedagogisch handelen, vakdidactisch handelen, vakinhoudelijke deskundigheid, onderzoekend handelen en professionele identiteit. Die onderdelen worden niet los van elkaar aangeboden. Studenten leren hun keuzes te onderbouwen, ervaringen te onderzoeken en hun handelen aan te passen aan leerlingen en onderwijssituaties.
Deze benadering is door Yılmaz uitgewerkt tot het Integrated Islamic Teacher Education Model (INTEM). Daarin worden vijf dimensies met elkaar verbonden: onderwijsfilosofie, professionele bekwaamheid, reflectief en onderzoekend leren, professionele identiteitsvorming en leren in de beroepspraktijk.
De basisschool als opleidingsplaats
Basisscholen zijn binnen het model niet uitsluitend stageplaatsen waar studenten toepassen wat zij op de opleiding hebben geleerd. Ze vormen een afzonderlijke leeromgeving waarin kennis, professioneel oordeel en beroepsidentiteit zich verder ontwikkelen.
De samenwerking is georganiseerd als een driehoek van student, instituutsopleider en schoolmentor. De opleider biedt academische en reflectieve begeleiding. De mentor ondersteunt het handelen in de klas, laat zien hoe professionele afwegingen worden gemaakt en geeft feedback. De student verbindt beide leeromgevingen door te observeren, mee te werken, te reflecteren en geleidelijk zelfstandiger les te geven.
Portfolio’s, coaching, gerichte interviews, lesobservaties, mentorfeedback en reflectieopdrachten worden gebruikt om de ontwikkeling te volgen. Toetsing dient daardoor niet alleen om vast te stellen wat een student kan, maar ondersteunt volgens de onderzochte opleidingsopzet ook het verdere leerproces.
Nog geen uitspraken over effecten in de klas
De bijdrage van INTEM ligt volgens Yılmaz niet in de afzonderlijke onderdelen van het model. Competentiegericht opleiden, reflectie, professionele identiteit en werkplekleren bestaan al langer. Het model maakt vooral zichtbaar hoe deze onderdelen elkaar kunnen beïnvloeden binnen een opleiding met een islamitische grondslag.
Het onderzoek is gebaseerd op documenten van één opleiding. Er zijn geen lessen geobserveerd en studenten, leraren, mentoren, schoolleiders en leerlingen zijn niet ondervraagd. De studie laat daarom niet zien hoe het model in de dagelijkse schoolpraktijk wordt uitgevoerd of welke gevolgen het heeft voor de ontwikkeling en leerprestaties van leerlingen. Daarvoor is aanvullend onderzoek nodig.
Wat betekent dit in de praktijk?
Voor basisscholen biedt INTEM een manier om te onderzoeken hoe een levensbeschouwelijke identiteit kan worden verbonden met vakinhoudelijke kwaliteit, inclusie, burgerschap en de ontwikkeling van leerlingen. Het onderzoek toont nog niet aan welke effecten deze benadering in de klas heeft.
Voor schoolleiders en besturen maakt de onderzochte opleiding zichtbaar dat een islamitische onderwijsvisie binnen de landelijke professionele en wettelijke kaders kan worden uitgewerkt. De levensbeschouwelijke grondslag geeft daarbij richting aan het onderwijs, maar vervangt de geldende bekwaamheids- en kwaliteitseisen niet.
Voor mentoren en opleidingsteams onderstreept het model het belang van structurele samenwerking tussen opleiding, stageschool en student. De basisschool is daarbij een volwaardige opleidingsomgeving waarin studenten leren omgaan met leerlingen, professionele afwegingen en de maatschappelijke opdracht van het onderwijs.
Bron: Yılmaz, C. (2026). Islamic Teacher Education Model for European Primary Schools: The Case of the Islamic University of Applied Sciences Rotterdam (IUASR).